A1 verb Neutral 2 min de lectura

verkopen

/vərˈkoːpə(n)/

Verkopen is the essential Dutch verb for selling items or services in exchange for money.

Palabra en 30 segundos

  • To exchange goods or services for money.
  • The opposite of the Dutch verb 'kopen' (to buy).
  • Irregular past tense: 'verkocht' instead of 'verkoopte'.

Overzicht

Verkopen is een van de meest fundamentele werkwoorden in de Nederlandse taal, zeker gezien de historische status van Nederland als handelsnatie. Het woord beschrijft de handeling waarbij een eigenaar een product, dienst of bezit overdraagt aan een koper in ruil voor een financiële vergoeding. Op CEFR-niveau A1 is dit een essentieel woord om te leren, omdat het dagelijks voorkomt in winkels, op markten en in gesprekken over bezittingen.

Gebruikspatronen

Het werkwoord 'verkopen' is een onregelmatig (sterk) werkwoord. De stam is 'verkoop'. In de tegenwoordige tijd voegen we de standaarduitgangen toe: 'ik verkoop', 'jij verkoopt', 'hij/zij/het verkoopt' en 'wij/jullie/zij verkopen'. De verleden tijd is echter 'verkocht' (enkelvoud) en 'verkochten' (meervoud), wat vaak een struikelblok is voor beginners die de zwakke vorm 'verkoopte' verwachten. Het voltooid deelwoord is eveneens 'verkocht'. Een veelvoorkomende zinsstructuur is: [Onderwerp] + [verkopen] + [Wat] + aan + [Wie]. Bijvoorbeeld: 'Ik verkoop mijn fiets aan mijn buurman.'

Veelvoorkomende Contexten

In de dagelijkse context wordt het gebruikt voor eenvoudige transacties, zoals in de supermarkt of bij een bakker ('Zij verkopen hier heerlijk brood'). In een zakelijke context kan het gaan over grote contracten of aandelen. Ook op digitale platforms zoals Marktplaats is het woord alomtegenwoordig. Figuurlijk wordt het gebruikt in uitdrukkingen zoals 'nee verkopen', wat betekent dat je iemand moet teleurstellen of een verzoek moet afwijzen.

Vergelijking met vergelijkbare woorden

Het meest directe tegenovergestelde is 'kopen'. Waar 'kopen' gaat over het verkrijgen van iets, gaat 'verkopen' over het wegdoen van iets voor geld. 'Verhandelen' is een synoniem dat vaker in een professionele of grootschalige context wordt gebruikt (bijvoorbeeld het verhandelen van specerijen). 'Slijten' wordt soms gebruikt wanneer men iets met moeite probeert te verkopen aan het publiek. Tot slot is er 'afzetten', wat in informele taal kan betekenen dat je iemand iets verkoopt tegen een veel te hoge prijs, oftewel iemand oplichten.

Ejemplos

1

Ik verkoop mijn oude boeken op de markt.

everyday

I am selling my old books at the market.

2

Het bedrijf heeft vorig jaar veel producten verkocht.

formal

The company sold many products last year.

3

Wil je je fiets aan mij verkopen?

informal

Do you want to sell your bike to me?

4

Zij verkopen geen alcohol aan minderjarigen.

academic/legal

They do not sell alcohol to minors.

Colocaciones comunes

een huis verkopen to sell a house
nee verkopen to say no / to refuse
goed verkopen to sell well

Frases Comunes

Nee verkopen

To have to disappoint someone

Iets voor een prikkie verkopen

To sell something for a bargain

Zijn huid duur verkopen

To put up a hard fight before giving in

Se confunde a menudo con

verkopen vs kopen

Kopen means to buy (receive for money), while verkopen means to sell (give for money).

verkopen vs verhuizen

Verhuizen means to move to a new house, which often happens after you sell (verkopen) a house.

Patrones gramaticales

onderwerp + verkopen + object iets verkopen aan iemand zichzelf verkopen

How to Use It

Notas de uso

The verb is neutral and can be used in any situation from a street market to a corporate boardroom. In business, 'verhandelen' is a more formal alternative. When 'verkopen' is used with a person as the direct object, it can sometimes mean 'to hit' (e.g., iemand een klap verkopen), though this is more idiomatic.


Errores comunes

The most frequent error is using the weak conjugation 'verkoopte' instead of the strong 'verkocht'. Another mistake is forgetting to use the preposition 'aan' when mentioning the buyer. Lastly, learners sometimes confuse the spelling of 'verkoop' (with two o's) and 'verkopen' (with one o).

Tips

💡

Use 'aan' to specify the buyer

When you want to say who you are selling to, always use the preposition 'aan' (e.g., Ik verkoop de auto aan hem).

⚠️

Avoid the common 'verkoopte' mistake

Never say 'ik verkoopte'. The correct past tense is 'ik verkocht'. It follows the same pattern as 'kopen' (kocht).

🌍

King's Day and the 'Vrijmarkt'

On April 27th, the Dutch celebrate King's Day by selling second-hand goods on the street without a permit, a tradition known as 'verkopen op de vrijmarkt'.

Origen de la palabra

From Middle Dutch 'vercopen', which is a combination of the prefix 'ver-' (indicating a change or transfer) and the verb 'kopen' (to buy/trade).

Contexto cultural

The Dutch are historically known as a 'volk van kooplieden' (nation of merchants). Selling and trading are deeply ingrained in the culture, from the VOC era to modern-day logistics hubs.

Truco para recordar

Think of the prefix 'ver-' as 'away'. You are 'kopen' (buying) something 'away' from yourself to someone else.

Preguntas frecuentes

4 preguntas

De vervoeging is: ik verkoop, jij verkoopt, hij/zij verkoopt, wij verkopen. Let op de dubbele 'o' in de stam.

Nee, het is onregelmatig. De verleden tijd is 'verkocht' en het voltooid deelwoord is ook 'verkocht'.

Ja, je kunt bijvoorbeeld 'jezelf verkopen' tijdens een sollicitatiegesprek, wat betekent dat je je goede eigenschappen benadrukt.

Dit betekent dat je iemand moet weigeren of dat een product niet op voorraad is.

Ponte a prueba

fill blank

De winkelier ___ elke dag veel appels.

¡Correcto! No del todo. Respuesta correcta: verkoopt

De winkelier is de derde persoon enkelvoud (hij), dus voegen we een 't' toe aan de stam 'verkoop'.

multiple choice

Gisteren ___ ik mijn oude laptop.

¡Correcto! No del todo. Respuesta correcta: verkocht

'Verkopen' is een onregelmatig werkwoord; de verleden tijd enkelvoud is 'verkocht'.

sentence building

wij / ons huis / willen / verkopen

¡Correcto! No del todo. Respuesta correcta: Wij willen ons huis verkopen.

In een zin met een hulpwerkwoord (willen) komt het hele werkwoord (verkopen) aan het einde van de zin.

Puntuación: /3

¿Te ha servido?
¡No hay comentarios todavía. Sé el primero en compartir tus ideas!