Op A1 niveau leer je de meest basiswoorden voor eten en drinken. De banaan is een essentieel woord omdat het bijna overal ter wereld hetzelfde is en makkelijk te herkennen. Je leert hoe je 'een banaan' bestelt bij de groenteboer of hoe je zegt dat je een banaan lekker vindt. De nadruk ligt op de spelling (met dubbel 'a') en het feit dat het een 'de'-woord is. Je leert simpele zinnen zoals 'De banaan is geel' of 'Ik eet een banaan'. Het is een van de eerste woorden die je leert in de categorie 'fruit' samen met appel en peer. Je leert ook de kleur 'geel' te associëren met dit woord.
Op A2 niveau ga je dieper in op het gebruik van de banaan in het dagelijks leven. Je leert over boodschappen doen en hoeveelheden, zoals 'een tros bananen'. Je begint ook te begrijpen hoe je de banaan beschrijft met meer bijvoeglijke naamwoorden: 'een rijpe banaan', 'een kromme banaan' of 'een zachte banaan'. Je kunt nu ook korte instructies begrijpen, zoals 'pel de banaan' of 'snijd de banaan in plakjes'. Het meervoud 'bananen' en de bijbehorende spellingregel (één 'a' vervalt) worden nu belangrijk voor je schriftelijke vaardigheden. Je kunt ook eenvoudige vragen stellen over de prijs of herkomst van bananen op de markt.
Op B1 niveau kun je de banaan gebruiken in complexere gesprekken over gezondheid, voeding en levensstijl. Je kunt uitleggen waarom bananen goed voor je zijn (bijvoorbeeld vanwege de energie of het kalium). Je begrijpt nu ook de meer algemene uitdrukkingen zoals 'Gaan met die banaan!' in een informele context. Je bent in staat om een recept te volgen waarin bananen een hoofdingrediënt zijn, zoals bananenbrood of een smoothie. Ook kun je praten over voorkeuren, zoals het verschil tussen een groene en een gele banaan, en je mening geven over de duurzaamheid van fruitimport (Fairtrade bananen).
Op B2 niveau begrijp je de banaan in een bredere maatschappelijke en economische context. Je kunt teksten lezen over de wereldhandel in bananen, de rol van de haven van Rotterdam als 'gateway' naar Europa, en de milieu-impact van bananenplantages in Midden-Amerika. Je begrijpt nuances in het taalgebruik, zoals de term 'bananenrepubliek' in politieke discussies. Je kunt ook vlotter omgaan met idiomatische uitdrukkingen en begrijpt wanneer 'pisang' wordt gebruikt in plaats van 'banaan' in een figuurlijke context. Je bent in staat om deel te nemen aan een debat over gezonde voeding op scholen waarbij de banaan als voorbeeld dient.
Op C1 niveau beheers je de banaan in al zijn metaforische en taalkundige finesses. Je kunt literaire teksten of diepgravende journalistieke artikelen begrijpen waarin de banaan als symbool wordt gebruikt voor exotisme, kolonialisme of de consumptiemaatschappij. Je begrijpt de subtiele humor in woordspelingen met bananen en kunt deze zelf toepassen. Je bent bekend met de historische achtergrond van de banaan in de Nederlandse (post-)koloniale keuken en kunt de etymologische link met het Maleis (pisang) uitleggen. Je taalgebruik is natuurlijk en je kunt moeiteloos schakelen tussen formele beschrijvingen en informele uitdrukkingen rondom dit woord.
Op C2 niveau is de banaan voor jou een instrument van taalkundige virtuositeit. Je kunt complexe wetenschappelijke teksten over de genetica van de Cavendish-banaan of de economische theorieën achter de 'Banana Wars' analyseren en bekritiseren. Je begrijpt de diepste culturele connotaties en historische trauma's die verbonden kunnen zijn aan de handel in tropisch fruit. Je kunt de banaan gebruiken in poëtische of retorische contexten en bent volledig op de hoogte van alle dialectische variaties of archaïsche termen die met de vrucht te maken hebben. Het woord banaan heeft geen geheimen meer voor je, noch in zijn letterlijke, noch in zijn meest abstracte zin.

banaan in 30 Seconds

  • De banaan is een krom, geel tropisch fruit dat zeer populair is als gezond tussendoortje in Nederland.
  • Grammaticaal is het een 'de-woord' met het meervoud 'bananen', waarbij de spelling verandert in de open lettergreep.
  • Het woord wordt vaak gebruikt in informele uitdrukkingen zoals 'Gaan met die banaan!' om enthousiasme te tonen.
  • Bananen zijn rijk aan kalium en energie, waardoor ze favoriet zijn bij sporters en als eerste babyvoeding.
De banaan is een van de meest herkenbare en geliefde fruitsoorten ter wereld, en in Nederland is dat niet anders. Wanneer we spreken over een banaan, bedoelen we de langwerpige, meestal kromme vrucht van de bananenplant. In de Nederlandse context is de banaan een hoofdbestanddeel van het dagelijkse dieet, vaak geconsumeerd als een snel tussendoortje, onderdeel van het ontbijt, of als een gezonde toevoeging aan de lunchtrommel van schoolgaande kinderen. De banaan staat bekend om zijn felle gele kleur wanneer hij rijp is, zijn zachte textuur en zijn zoete smaak. Botanisch gezien is de banaan eigenlijk een bes, en de plant waaraan hij groeit is een kruid, geen boom, omdat de stam geen echt houtweefsel bevat. In het dagelijks leven gebruiken Nederlanders het woord 'banaan' niet alleen om naar de vrucht te verwijzen, maar ook in diverse informele uitdrukkingen. Het woord heeft een eenvoudige structuur die voor Engelse sprekers zeer herkenbaar is, aangezien het een cognaat is.
Botanische Classificatie
Hoewel we vaak spreken over de bananenboom, is het technisch gezien een overblijvend kruid. De vrucht zelf is een schijnvrucht die zich ontwikkelt uit een bloeiwijze.

Zorg ervoor dat je elke dag een banaan eet voor je dagelijkse portie kalium.

De veelzijdigheid van de banaan maakt het een essentieel woord voor elke beginner. Of je nu op de markt bent in Amsterdam, in de supermarkt bij de Albert Heijn, of een recept leest voor bananenbrood, je zult dit woord constant tegenkomen. De banaan is ook een symbool van energie; sporters zoals tennissers en wielrenners worden vaak gezien terwijl ze een banaan eten tijdens een pauze om hun suikerspiegel en kaliumgehalte op peil te houden. Daarnaast speelt de banaan een rol in de Nederlandse taalgeschiedenis via de koloniale banden met Indonesië, waar 'pisang' het woord voor banaan is, een term die je nog steeds terugziet in gerechten zoals 'pisang goreng' (gebakken banaan).
Culinaire Toepassing
In de Nederlandse keuken wordt de banaan vaak rauw gegeten, maar het is ook een populair ingrediënt in pannenkoeken, smoothies en het moderne fenomeen bananenbrood.

De kinderen kregen als toetje een banaan met slagroom.

De banaan is dus veel meer dan alleen een stuk fruit; het is een symbool van gezondheid, gemak en internationale handel.
Het gebruik van het woord 'banaan' in een zin is grammaticaal vrij eenvoudig, maar er zijn enkele nuances waar een leerling op moet letten. Ten eerste is 'banaan' een de-woord (mannelijk/vrouwelijk), wat betekent dat we zeggen 'de banaan' en 'een banaan'. In het meervoud wordt het 'bananen'. Let op de spellingverandering: in het enkelvoud hebben we twee keer de letter 'a' in de stam (ba-naan), maar in het meervoud blijft de klank lang terwijl er slechts één 'a' per lettergreep wordt geschreven (ba-na-nen) volgens de Nederlandse spellingsregels voor open lettergrepen.
Grammaticaal Geslacht
Het woord 'banaan' is een de-woord. Dit beïnvloedt de bijvoeglijke naamwoorden die je ervoor plaatst, bijvoorbeeld 'de gele banaan' in plaats van 'het gele fruit'.

Ik heb een tros bananen gekocht op de markt.

Bij het beschrijven van een banaan gebruiken we vaak kleur- en textuurwoorden. Een banaan kan 'groen' (onrijp), 'geel' (rijp) of 'bruin' (overrijp) zijn. We zeggen dat een banaan 'beur' is als hij zachte plekken heeft door stoten. In zinsconstructies fungeert 'banaan' meestal als lijdend voorwerp. Bijvoorbeeld: 'Hij pelt de banaan'. Het werkwoord 'pellen' is specifiek voor fruit met een schil die je er met de hand afhaalt.
Acties met een banaan
Pellen (to peel), snijden (to cut), prakken (to mash), eten (to eat), kopen (to buy).

Zou je de banaan voor de baby willen prakken?

Wanneer je over hoeveelheden praat, gebruik je vaak het woord 'tros' (bunch). 'Een tros bananen' is de standaard manier om meerdere bananen die aan elkaar vastzitten te beschrijven. In een restaurant of café kun je vragen om een 'bananensplit' of een 'bananenmilkshake'. De banaan is ook een geliefd onderwerp in vergelijkingen, hoewel minder vaak dan in het Engels. In het Nederlands zeggen we bijvoorbeeld niet snel 'going bananas', maar gebruiken we andere uitdrukkingen die we later zullen bespreken.
Je zult het woord 'banaan' op veel verschillende plekken horen, variërend van de meest alledaagse situaties tot specifieke professionele contexten. De meest voor de hand liggende plek is de supermarkt. Bij de weegschaal op de groente- en fruitafdeling moet je vaak op een icoontje van een banaan drukken of de code voor bananen invoeren. Ook op de markt, waar kooplui luidkeels hun waren aanprijzen, hoor je vaak kreten als 'Zes bananen voor een euro!'.
In de Supermarkt
Medewerker: 'De bananen liggen naast de appels.' Klant: 'Mag ik een kilo bananen?'

'Mama, mag ik een banaan als tussendoortje?' vroeg het kind in de winkel.

In de sportwereld is de banaan alomtegenwoordig. Tijdens de rust van een voetbalwedstrijd of bij de verzorgingspost van een marathon hoor je sporters en coaches praten over het eten van een banaan voor snelle energie. Ook in de keuken, bij het volgen van kookprogramma's op de Nederlandse televisie zoals 'Heel Holland Bakt', komt het woord regelmatig voor bij het maken van vullingen of decoraties. In de kinderopvang en op basisscholen is 'De Banaan' vaak een thema voor liedjes of knutselwerkjes. Er is zelfs een bekend kinderliedje over een banaan die 'krom' is.
In de Populaire Cultuur
Het kinderliedje 'Waarom zijn de bananen krom?' is een klassieker die bijna elke Nederlander kent. Het antwoord in het liedje is simpelweg: 'Als ze recht zijn, vallen ze om!'

De commentator riep: 'Kijk hem gaan, hij heeft duidelijk zijn banaan op!'

Tot slot hoor je het woord in informele gesprekken tussen vrienden, vooral in de uitdrukking 'Gaan met die banaan!', wat zoiets betekent als 'Laten we ervoor gaan!' of 'Gas erop!'. Dit laat zien dat de banaan diep geworteld is in de Nederlandse taal, van de meest serieuze tot de meest speelse contexten.
Hoewel 'banaan' een relatief makkelijk woord is, maken leerlingen van het Nederlands vaak een aantal specifieke fouten. De meest voorkomende fout heeft te maken met de spelling van het meervoud. Veel leerlingen schrijven 'banaanen' omdat ze de dubbele 'aa' uit het enkelvoud willen behouden. Echter, volgens de Nederlandse spellingsregels vervalt één klinker in een open lettergreep als de klank lang blijft. Dus: banaan (gesloten lettergreep, dubbel 'aa') wordt ba-na-nen (open lettergreep, enkele 'a').
Spellingfout
Fout: banaanen. Goed: bananen. Dit is een basisregel die voor veel zelfstandige naamwoorden geldt.

Ik kocht drie bananen (niet banaanen) bij de groenteboer.

Een andere fout is het verkeerde lidwoord. Sommige leerlingen gebruiken 'het' in plaats van 'de'. Hoewel veel fruitsoorten 'het'-woorden zijn (het fruit, het appeltje), is 'de banaan' strikt een de-woord. Dit is cruciaal voor de correcte verbuiging van bijvoeglijke naamwoorden. Je zegt 'een lekkere banaan' en niet 'een lekker banaan'. Daarnaast is er soms verwarring over het woord 'pisang'. Hoewel dit in het Nederlands bekend is via de Indische keuken, wordt het in het dagelijks leven bijna nooit gebruikt als synoniem voor banaan, behalve in de uitdrukking 'de pisang zijn' (de dupe zijn).
Lidwoord Verwarring
Fout: Het banaan is geel. Goed: De banaan is geel.

De banaan die ik gisteren kocht, is nu al bruin.

Ten slotte maken leerlingen soms fouten in samenstellingen. In het Nederlands schrijven we samenstellingen aan elkaar. Het is 'bananenschil', niet 'bananen schil'. De tussen-n is hier ook een belangrijk punt; sinds de laatste spellingwijziging schrijven we 'bananen-' met een 'n' omdat het meervoud van banaan op -en eindigt.
Hoewel 'banaan' een heel specifiek object aanduidt, zijn er diverse woorden die in dezelfde categorie vallen of die je kunt gebruiken om variatie in je taalgebruik aan te brengen. De meest algemene term is natuurlijk 'fruit' of 'vrucht'. Wanneer je het specifiek over bananen hebt in een culinaire context, hoor je soms 'pisang', wat uit het Maleis komt. Dit wordt echter bijna uitsluitend gebruikt voor gebakken banaan (pisang goreng) of de bekende groene bananenlikeur (Pisang Ambon).
Vergelijking: Banaan vs. Pisang
Banaan is de standaardterm. Pisang is cultureel specifiek (Indonesisch) en wordt vaak figuurlijk gebruikt in uitdrukkingen.

In plaats van een banaan kun je ook een appel of een peer eten.

Als we kijken naar andere tropische vruchten die vaak samen met bananen worden genoemd, denken we aan de 'ananas', 'mango' of 'kiwi'. In recepten kan een banaan soms worden vervangen door 'avocado' (vanwege de romige textuur) of 'appelmoes' (in veganistisch bakken als bindmiddel). Er is ook de 'bakbanaan' (plantain), die groter en zetmeelrijker is en die je eerst moet koken of bakken voordat je hem kunt eten. Dit is een belangrijk onderscheid voor wie de Surinaamse of Antilliaanse keuken verkent.
Alternatieven in de Keuken
Bakbanaan: Voor hartige gerechten. Handbanaan: De gewone banaan die we rauw eten.

De bakbanaan is heerlijk als hij gefrituurd is.

Tot slot, in de context van vorm, kan iets 'banaandvormig' worden genoemd. Dit wordt vaak gebruikt in de architectuur of bij het beschrijven van gereedschappen. Het begrijpen van deze alternatieven en gerelateerde woorden helpt je om een rijker beeld te krijgen van hoe 'banaan' past in het grotere web van de Nederlandse taal.

Fun Fact

The Dutch word 'pisang' (from Indonesian) was actually used earlier in some contexts due to the Dutch presence in Southeast Asia.

Pronunciation Guide

UK /bɑˈnaːn/
US /bəˈnɑn/
The stress is on the second syllable: ba-NAAN.
Rhymes With
laan (lane) maan (moon) gaan (to go) staan (to stand) kraan (tap) baan (job/track) traan (tear) haan (rooster)
Common Errors
  • Pronouncing the 'aa' like the 'a' in 'apple'. In Dutch, 'aa' is always long.
  • Putting the stress on the first syllable (BAnan).
  • Pronouncing the final 'n' too softly.
  • Not distinguishing between the short 'a' in 'ba' and the long 'aa' in 'naan'.
  • Confusing the pronunciation with the English word 'banana'.

Examples by Level

1

Ik eet een banaan.

I eat a banana.

Simple present tense.

2

De banaan is geel.

The banana is yellow.

Subject + verb + adjective.

3

Is dit een banaan?

Is this a banana?

Question form.

4

Ik heb twee bananen.

I have two bananas.

Plural form 'bananen'.

5

De banaan is lekker.

The banana is tasty.

Use of 'de' as article.

6

Een banaan, alstublieft.

A banana, please.

Polite request.

7

De banaan ligt op de tafel.

The banana is on the table.

Preposition 'op'.

8

Ik hou van banaan.

I love banana.

Expression of preference.

1

Ik koop een tros bananen.

I am buying a bunch of bananas.

Collective noun 'tros'.

2

De banaan is nog groen.

The banana is still green.

Adverb 'nog' meaning 'still'.

3

Wil je een halve banaan?

Do you want half a banana?

Adjective 'halve'.

4

Ik pel de banaan voor je.

I will peel the banana for you.

Verb 'pellen'.

5

Bananen zijn gezond fruit.

Bananas are healthy fruit.

General statement in plural.

6

Er zit een banaan in mijn tas.

There is a banana in my bag.

Prepositional phrase.

7

Deze banaan is erg zoet.

This banana is very sweet.

Demonstrative pronoun 'deze'.

8

Mag ik een banaan als toetje?

May I have a banana for dessert?

Use of 'als' meaning 'as'.

1

Ik prak de banaan voor de baby.

I am mashing the banana for the baby.

Verb 'prakken' is very Dutch.

2

Bananen geven je snel veel energie.

Bananas give you a lot of energy quickly.

Indirect object 'je'.

3

Ik bak een cake met rijpe bananen.

I am baking a cake with ripe bananas.

Preposition 'met'.

4

De schil van de banaan is glad.

The peel of the banana is slippery.

Genitive construction with 'van de'.

5

Gaan met die banaan, we moeten opschieten!

Let's go, we need to hurry!

Idiomatic expression.

6

Ik vind een banaan lekkerder dan een appel.

I find a banana tastier than an apple.

Comparative 'lekkerder dan'.

7

In de smoothie zit banaan en yoghurt.

The smoothie contains banana and yogurt.

List of ingredients.

8

Zijn deze bananen biologisch geteeld?

Are these bananas organically grown?

Passive construction.

1

De haven van Rotterdam importeert miljoenen bananen per jaar.

The port of Rotterdam imports millions of bananas per year.

Formal subject-verb agreement.

2

Bananen zijn een belangrijke bron van kalium.

Bananas are an important source of potassium.

Noun phrase 'belangrijke bron'.

3

Sommige mensen zijn allergisch voor banaan.

Some people are allergic to banana.

Adjective + preposition 'allergisch voor'.

4

De prijs van bananen is de laatste tijd gestegen.

The price of bananas has risen lately.

Present perfect tense.

5

Hij gleed uit over een bananenschil.

He slipped on a banana peel.

Compound word 'bananenschil'.

6

De banaan is een veelzijdige vrucht in de keuken.

The banana is a versatile fruit in the kitchen.

Attributive adjective 'veelzijdige'.

7

Fairtrade bananen garanderen een betere prijs voor boeren.

Fairtrade bananas guarantee a better price for farmers.

Compound subject.

8

De banaan rijpt sneller als je hem bij appels legt.

The banana ripens faster if you put it near apples.

Conditional clause with 'als'.

1

De politieke situatie veranderde het land in een bananenrepubliek.

The political situation turned the country into a banana republic.

Metaphorical usage.

2

De banaan fungeert hier als een symbool voor de consumptiemaatschappij.

The banana functions here as a symbol for the consumer society.

Academic verb 'fungeren'.

3

Er is een overschot aan bananen op de wereldmarkt.

There is a surplus of bananas on the world market.

Noun 'overschot'.

4

De textuur van een overrijpe banaan is ideaal voor dit dessert.

The texture of an overripe banana is ideal for this dessert.

Specific culinary description.

5

Men onderzoekt de resistentie van bananen tegen bepaalde schimmels.

They are researching the resistance of bananas to certain fungi.

Formal 'men' usage.

6

Zijn betoog was zo krom als een banaan.

His argument was as crooked as a banana.

Simile 'zo ... als'.

7

De banaan is onmisbaar in de Surinaamse keuken.

The banana is indispensable in Surinamese cuisine.

Adjective 'onmisbaar'.

8

De logistieke keten van de banaan is uiterst complex.

The logistics chain of the banana is extremely complex.

Abstract noun 'logistieke keten'.

1

De hegemonie van de Cavendish-banaan wordt bedreigd door de Panamaziekte.

The hegemony of the Cavendish banana is threatened by Panama disease.

Advanced vocabulary 'hegemonie'.

2

In dit gedicht wordt de banaan gepersonifieerd als een eenzame reiziger.

In this poem, the banana is personified as a lonely traveler.

Literary term 'gepersonifieerd'.

3

De ontlezing van de banaan als koloniaal object vereist een kritische blik.

The deconstruction of the banana as a colonial object requires a critical eye.

Sociological terminology.

4

De fysiologische rijping van de banaan wordt beïnvloed door ethyleengas.

The physiological ripening of the banana is influenced by ethylene gas.

Scientific precision.

5

Het was de pisang in dit hele echec, de zondebok van de situatie.

He was the victim in this whole failure, the scapegoat of the situation.

Archaic/idiomatic 'de pisang zijn'.

6

De banaan als kunstobject, zoals bij Cattelan, provoceert de kijker.

The banana as an art object, as with Cattelan, provokes the viewer.

Cultural reference.

7

De symbiose tussen de bananenteelt en de lokale economie is precair.

The symbiosis between banana cultivation and the local economy is precarious.

Complex sentence structure.

8

Men kan de banaan beschouwen als een metafoor voor de vergankelijkheid.

One can consider the banana as a metaphor for impermanence.

Philosophical discourse.

Common Collocations

een tros bananen
een rijpe banaan
een banaan pellen
een banaan prakken
bananen eten
een kromme banaan
gebakken banaan
bananen snijden
een groene banaan
bananen importeren

Common Phrases

Gaan met die banaan!

— Let's go! Let's get started with energy.

Alles is klaar, gaan met die banaan!

De pisang zijn

— To be the victim or to be in trouble.

Als de leraar erachter komt, ben ik de pisang.

Een banaan in je oor hebben

— To not be listening to someone.

Heb je een banaan in je oor? Ik riep je al drie keer!

Zo krom als een banaan

— Very crooked or dishonest.

Zijn hele verhaal is zo krom als een banaan.

Bananenrepubliek

— A politically unstable country dependent on one export.

Mensen zijn bang dat het land een bananenrepubliek wordt.

De lul van de banaan zijn

— Very informal: to be the unlucky one.

Ik moest weer overwerken, ik was weer de lul van de banaan.

Iemand een banaan toewerpen

— To give someone a small consolation or distraction.

De baas wierp ons een banaan toe met dat kleine extraatje.

In een bananendoos wonen

— To live in very poor or makeshift conditions.

Hij heeft geen geld en woont bijna in een bananendoos.

Bananenlied

— A silly or simple song, often for children.

Zullen we het bananenlied zingen?

Bananenschil-moment

— A moment where someone makes a clumsy mistake.

Dat was echt een bananenschil-moment tijdens de presentatie.

Idioms & Expressions

"Gaan met die banaan"

— Used to encourage someone to start something immediately and with vigor.

Kom op jongens, gaan met die banaan!

informal
"De pisang zijn"

— To be the one who suffers the consequences; the victim.

Ik was de pisang en moest de hele afwas doen.

informal
"Zo krom als een banaan"

— Used to describe something that is not straight, or figuratively, something that is not right or logical.

Dat argument van hem is zo krom als een banaan.

neutral
"Een banaan in je oor hebben"

— A humorous way to tell someone they are not listening or didn't hear you.

Luister nou! Heb je een banaan in je oor?

child-friendly
"Bananenrepubliek"

— Describes a country with a corrupt government and a weak economy.

De oppositie noemde de regering een bananenrepubliek.

formal
"Glijden over een bananenschil"

— To make a predictable or embarrassing mistake.

De politicus gleed over een bananenschil door die opmerking.

neutral
"De lul van de banaan zijn"

— Vulgar/Informal: To be the person who gets the short end of the stick.

Hij was weer de lul van de banaan bij de verdeling van de taken.

slang
"Appels met bananen vergelijken"

— A variation of 'apples and oranges'; comparing things that cannot be compared.

Je kunt die twee auto's niet vergelijken, dat is appels met bananen vergelijken.

neutral
"Een banaan voor de dorst"

— A playful variation of 'appeltje voor de dorst' (saving for a rainy day).

Ik bewaar dit tientje als een banaan voor de dorst.

informal
"Bananen-wijsheid"

— Simplistic or obvious wisdom that isn't very helpful.

Kom niet aan met je bananen-wijsheid.

informal

Word Family

Nouns

Verbs

Adjectives

Related

Memorize It

Mnemonic

Think of a 'Ba-naan' as a fruit you eat at 'Nacht' (night) if you are hungry, but remember it starts with 'Ba'. Or: 'Ba-naan' is 'Banaan' in Dutch—it's almost the same!

Visual Association

Imagine a yellow 'banana' shaped like the letter 'D' to remember it is a 'De'-word.

Word Web

geel krom fruit aap pellen tros zoet tropisch

Challenge

Try to use the word 'banaan' three times today: once at breakfast, once when talking about colors, and once in the idiom 'Gaan met die banaan!'

Word Origin

The word 'banaan' entered the Dutch language in the 16th or 17th century via Portuguese and Spanish explorers.

Original meaning: It is thought to originate from the Wolof word 'banaana' from West Africa.

Niger-Congo via Romance languages to Germanic.
Was this helpful?

Comments (0)

Login to Comment
No comments yet. Be the first to share your thoughts!